Namen

Namen

 

In de meeste landen hebben mensen tenminste twee namen: een roepnaam en een familienaam. In Nederland is je roepnaam de voornaam die je altijd gebruikt. Je kunt ook nog doopnamen hebben. Deze namen gebruik je alleen in officiële documenten, zoals je ID-kaart en je rijbewijs. In 1811 moest iedereen verplicht zijn familienaam laten registreren. Dat gebeurde in registers van Naamsaanneming. De meeste mensen hadden al een achternaam. Af en toe moesten mensen een naam verzinnen. Soms waren dat nogal aparte namen, zoals Naaktgeboren of De Dood. Het duurde nog tot 1826 voordat alle inwoners van Nederland een vaste achternaam hadden.

 

Opdracht I

Achternamen of familienamen zijn te verdelen in zes groepen:

  • voornaamsnamen: zijn afgeleid van voornamen. Bijv. Adriaans komt van Adriaan, Janse komt van Jan
  • herkomstnamen: verwijzen naar een plaats of streek. Bijv. Van Kampen, Van Abcoude
  • beroepsnamen: verwijzen naar een beroep. Bijv. Bakker, Smit, Huisman
  • eigenschapsnamen: zijn afgeleid van bepaalde kenmerken van een persoon. Bijv. De Lange, Korteknie, Krul
  • relatienamen: laten familiebanden, vriendschapsaanduidingen of maatschappelijke verhoudingen zien. Bijv. Goedegebuure, Nabuur, Neefs
  • dierennamen: zijn afgeleid van dieren. Bijv. De Leeuw, De Beer, de Bie (de bij)

 
Kijk op deze akte van geboorte. Bij welke van de zes naamgroepen horen de achternamen van de vader en moeder?

Bij welke van de zes naamgroepen hoort jouw achternaam?

In de Nederlandse Familienamen Databank kun je opzoeken waar in Nederland in 2007 dezelfde achternamen voorkwamen. Zoek maar eens op je eigen familienaam.

 

Opdracht II

Kinderen kregen vroeger altijd de achternaam van de vader, tenzij de vader niet bekend was. Alleen dan kregen ze de achternaam van de moeder.
 
Ga naar de akten van geboorten uit jouw eigen provincie.
Schrijf van alle vier de akten de achternamen van de kinderen over. Hebben de kinderen de achternaam van de vader of de achternaam van de moeder gekregen?

 

Opdracht III

Doopnamen zijn voornamen die je krijgt als je gedoopt wordt. Deze namen kunnen anders zijn dan je roepnaam. Iemand die Willem als doopnaam heeft gekregen, kan bijvoorbeeld als roepnaam Wim of Pim hebben. Vroeger was het gebruikelijk dat kinderen in hun doopnaam (of meerdere doopnamen) werden vernoemd naar hun opa’s en oma’s.
 

Ga naar de akten van huwelijk uit jouw eigen provincie en kies één akte uit.
Schrijf de voornamen van de ouders van de bruidegom op.
Schrijf daarna de voornamen van de ouders van de bruid op.

Stel dat het bruidspaar twee kinderen krijgt, een meisje en een jongen.
Welke doopnamen zou de jongen dan waarschijnlijk krijgen? En het meisje?
 

Copyright © 2011-2017 AllemaalOpPapier